Duurzaamheid en OBAM

Duurzaamheid speelt een belangrijke rol in het beleggingsproces van OBAM. We willen de wereld graag een stukje beter achterlaten voor de volgende generatie, en doen dat door onze investeringen zorgvuldig te kiezen. We zijn ervan bovendien van overtuigd dat duurzame bedrijven de toekomst hebben, en dus een goede bron van rendement vormen voor uw belegging.

OBAM hanteert niet alleen strikte uitsluitingscriteria om te voorkomen dat we in bepaalde soorten bedrijven investeren, we gaan ook actief met bedrijven in gesprek over ESG onderwerpen. Dit resulteert aantoonbaar in een hoge score op duurzaamheidsstandaarden voor het OBAM fonds, zowel kwantitatief (bijvoorbeeld de CO2 uitstoot) als kwalitatief (mensenrechten, governance).

OBAM ondersteunt toonaangevende ESG-initiatieven zoals United Nations Global Compact en de United Nations Principles for responsible investing (PRI). Verder heeft de OBAM beleggingsportefeuille een fors lagere CO2-voetafdruk dan het universum van onze benchmark, de MSCI All Countries World Index.


De CO2 afdruk van OBAM

Als ondertekenaar van de Montreal Pledge1 maakt OBAM werk van de meting en publicatie van de CO2-voetafdruk van haar fondsen en maakt zo duidelijk hoeveel broeikasgassen, waaronder kooldioxide (CO2), de bedrijven waarin een fonds belegt uitstoten.

Deze transparantie draagt bij aan de bewustwording van de klimaatimpact van beleggingen. Naast de financiële rapportage van het beleggingsfonds vind je op deze pagina informatie over de CO2-voetafdruk, uitgedrukt in CO2-equivalent (CO2e). Deze maatstaf reflecteert het potentieel van alle broeikasgassen om klimaatopwarming te veroorzaken.


OBAM stoot slechts 2kg CO2 uit per EUR 100 geïnvesteerd vermogen.

Dit is ruim 80% minder dan de wereldwijde referentie index (uitstoot 11kg per EUR 100 geïnvesteerd vermogen).

Bron: BNP Paribas Asset Management, ultimo 2019

Het internationale greenhouse gas (GHG) protocol2 legt de normen vast voor de meting, het beheer en de rapportage van de uitstoot van broeikasgassen. De emissies worden opgesplitst in drie categorieën met een verschillende draagwijdte (‘scope’) naargelang de activiteiten van het bedrijf.

SCOPE 1: Directe uitstoot van de installaties van het bedrijf

SCOPE 2: Indirecte uitstoot verbonden met het energieverbruik van het bedrijf

SCOPE 3: Andere indirecte emissies waaronder bv. die uitstoot die verbonden is aan het gebruik van de producten van het bedrijf

Door deze metingen kunnen wij het resultaat van onze inspanningen kwantificeren, en verder bijsturen waar nodig.